top of page
  • Erik Brusten

Gered door immunotherapie

Toen VUB-professor immunologie Karine Breckpot bij een gynaecologische routinecontrole in 2016 te horen kreeg dat ‘er iets niet klopte’ is ze gewoon gaan werken. “Pas toen mijn collega’s zeiden: ‘Dit is misschien wel ernstig’ is mijn frank beginnen te vallen.” Het begin van vijf bewogen jaren waarin ze de strijd met de baarmoederhalskanker is aangegaan.


Karine Breckpot, over het einde van de klinische studie. “Ik hunker naar een periode van normaliteit, dat ik niet naar het ziekenhuis moet gaan en dat mensen mij opnieuw als Karine zien, zonder die kankerbagage. Maar soms denk ik: stopt dit toch niet te vroeg?” © Michaël Dehaspe

Mijn werk definieert heel sterk wie ik ben, daar haal ik mijn endorfines uit, vertelt biomedicus Karine Breckpot. “Het onderwerp kanker intrigeert mij al lang: nadat ik er in het middelbaar een werkje over gemaakt had, heb ik me erin vastgebeten. Op vragen als ‘waarom ontwikkelt het zich, waarom bij sommige mensen wel, bij andere niet, wat kunnen we ertegen doen?’ zoeken we nog steeds antwoorden. Het is zozeer mijn passie dat ik in een zwart gat zou vallen, moest je dat wegnemen.”

Het labo van professor Breckpot bestudeert onder meer de samenstelling van kankers, net vanuit de idee: kanker ontstaat doordat in het DNA foutjes opduiken. “Als we ons immuunsysteem kunnen activeren en trainen om kankercellen te herkennen, kunnen we dat immuunsysteem misschien als ‘huurmoordenaar’ inschakelen om die kankercellen aan te vallen. De kankervaccinatie is één zaak (vooral voor huid- en darmkanker), daarnaast focust ons onderzoek op de inhibitorische immuuncheckpointmolecule PD-L1: waarom kunnen kankercellen toch verder groeien en het immuunsysteem misleiden. Zo kijken we naar de tijd die zit tussen de reactie van het immuunsysteem tegen kankercellen en het optrekken van het PD-L1 schild door kankercellen. Dat is best relevant: tussen het moment van de diagnose kanker en de effectieve opstart van een behandeling zit meestal enige tijd, en dat is echt de akeligste periode voor een patiënt.”

Plots zelf patiënt


En plots dook kanker ook in haar eigen leven op. Na een routinecontrole bij de gynaecoloog werd ze doorverwezen naar de oncoloog. Karine Breckpot: “Dat is heel raar: toen ik mijn vriend belde met het nieuws dat de gynaecoloog sprak over kanker geloofde ik dat eerst zelf niet. Pas door erover te praten met collega’s begon ik te beseffen dat het misschien ernstig zou kunnen zijn. De oncologe kon ons echter geruststellen: ze sprak over het beginstadium. Misschien komt het door de gehaastheid waarmee ik in het leven sta dat ik niet meteen veel vragen heb gesteld. Anderzijds kende ik ook de statistieken: 80% van de patiënten met baarmoederhalskanker is tien jaar nadien nog in leven. Ik had malchance, zeker?”

“Uiteraard komt zo’n nieuws binnen. Maar je moet met je arts bekijken wat de beste strategie is. Ik heb toen gekozen voor chirurgie, zes weken later was ik weer op de been en aan het werk. In mijn hoofd had die operatie de kanker weggehaald, het resultaat oogde ook goed. Ik zou worden opgevolgd, en in het ergste geval zou ik nog kunnen kiezen voor de veel ingrijpender chemo- en/of radiotherapie.”


Pas in de wachtkamer dacht ik: ik heb mijn kop in het zand gestoken

Haaruitval


Tijdens de eerste twee jaar na de ingreep word je als patiënt nauw opgevolgd. Maar net daarna dook opnieuw een probleem op. “Ik had buikkrampen, voelde me niet zo lekker, maar ik schreef dat toe aan werkstress. Pas in de wachtkamer dacht ik: ik heb mijn kop in het zand gestoken. Mijn voorgevoel was juist: ik had opnieuw vijf tumoren. A posteriori, als je alles overdenkt, was mijn conclusie: je hebt jezelf voorgelogen, je wil dat slechte nieuws niet weten. Die fout heb ik maar een keer gemaakt. Ik ben in radio- en chemotherapie gegaan, maar recupereerde goed.” Helaas, nog een knobbeltje dook op, met nogmaals een lange chemokuur als gevolg. “Plots word je als vrouw geconfronteerd met haaruitval, dat voelt alsof je wereld instort. Maar dat normaliseert zich vrij snel.”


Klinische studie


De lijdensweg van Karine Breckpot was nog niet ten einde. Eind 2019 kreeg ze wederom slecht nieuws: de kanker was terug, chemotherapie kon, maar enkel om hem onder controle te houden. “Dat was de eerste keer dan wij als koppel het gevoel hadden: waarom? Mijn partner, nochtans iemand die altijd zei “Het komt goed’, zien crashen en moeten denken aan wat er met hem en mijn naasten zou gebeuren als ik er niet meer zou zijn, dat was heel pijnlijk”, zegt ze met trillende stem. “Ik was niet boos, maar voelde vooral onmacht en leegte.”

“Toch ben ik altijd blijven geloven dat het goed zou komen. Mijn reddingsboei is een klinische fase 3-studie immuuntherapie, ontwikkeld door Regeneron in samenwerking met het OLV-ziekenhuis in Aalst, geweest. Net omdat ik bereid was ver te gaan om een kans op genezing te maken, heb ik die kans met beide handen gegrepen. Ik krijg antilichamen die de interactie tussen de molecules PD-L1 en PD-1 moeten inhiberen. Anders gezegd: de bewust foute signalen die kankercellen uitsturen om ons immuunsysteem te misleiden, worden gedwarsboomd. De therapie slaat heel goed aan, daar baseer ik mijn hoop op. En iedereen in Aalst ben ik immens dankbaar!”


Onmacht en onbezorgd


Nu de studie bijna afgerond is, zit ze met een dubbel gevoel: “Ik hunker naar een periode van normaliteit, dat ik niet naar het ziekenhuis moet gaan en dat mensen mij opnieuw als Karine zien, zonder die kankerbagage. Maar soms denk ik: stopt dit toch niet te vroeg? Dat geldt ook voor de slotscan. Ik voel me fysiek en mentaal goed, dat wil ik koesteren. Daarom wil ik de uitslag van de scan liever enkel horen als het goed nieuws is. Voor mijn gemoedsrust is dat belangrijk. En omdat het over mij als persoon gaat, wil de wetenschapper in mij niet alle details kennen, daar word ik niet per se gelukkiger van.”

“Toch kan ik ook heel onbezorgd zijn. Dat is in deze een groot voordeel. De voorbije periode heeft me ook heel fijne dingen doen ervaren. Dat ik hulp kan en mag vragen aan collega’s en mensen rondom mij, het besef dat ik eigenlijk al een prachtig leven heb gehad - al mag het nog heel lang duren -, maar vooral: in elke situatie zit iets positiefs. Focus niet op het negatieve, maar probeer vooral die positieve aspecten te omarmen.”

 

Dit verhaal is verschenen in het kader van de Artsenkrant-reeks 'Kwetsbaarheid & Veerkracht' waarin artsen vertellen over een moeilijke periode of ervaring in hun leven. Wil u ook graag uw verhaal vertellen? Neem dan contact op met redacteur emily.nazionale@roularta.be.


bottom of page